U bent hier
Tijl Rommelaere
Ronse is het waard om voor te vechten
In 2009 werd Tijl vader van een tweeling en verhuisde hij naar Ronse. Ondertussen woont Tijl in de Art Deco-wijk samen met Isabelle, Tristan, Geike en Sam.

Hoe kom je bij de N-VA terecht?
‘Sinds 2001 ben ik actief lid van de N-VA. Ik was secretaris van de afdeling Land van Rode waar Gavere deel van uitmaakte. Zo leerde ik snel beloftevolle politici zoals Joris Nachtergaele en Matthias Diependaele kennen. Bij mijn verhuis naar Ronse stimuleerden Matthias en Joris mij om surfend op het succes van de N-VA ook in mijn nieuwe stad een N-VA afdeling uit de grond te stampen. Ze brachten me in contact met een zekere Paul Carteus. Samen staken we het vuur aan de lont en vonden we in Frederik, David, Wim, Lieven en Jeroen enkele medestanders. De rest is geschiedenis.’
Het was een schot in de roos?
‘Dat kan je wel zeggen. De eerste deelname aan de verkiezingen was Uilenspiegelgewijs een sprong in het ongewisse. Als je nog niets hebt, dan kan je alleen maar winnen. In 2012 waren we de verrassing van de verkiezingen. Uit het niets wisten we door de inzet van een gedreven team vijf zetels te halen en braken we na meer dan 80 jaar de socialistische grip op het bestuur. Daar bleef het niet bij, want in 2018 slaagden we erin om het aantal zetels te verhogen naar acht.’
Sindsdien is Ronse veel veranderd?
‘Inderdaad. Dat horen we dagelijks. Onze stad is de afgelopen twaalf jaar veel verbeterd. Ronse is een aantrekkelijke stad geworden waar het goed is om te wonen, te werken, te ondernemen en te ontspannen. Er is nog veel werk. Op 13 oktober kiezen de Ronsenaars in welke stad ze willen leven. Wij hebben een sterke visie over onze stad en veel ambitie om die waar te maken. Geen onbetaalbare en zinloze avonturen, maar verfrissende ideeën die echt het verschil kunnen maken.'
Hoe zie je jouw rol als voorzitter?
‘Als voorzitter vind ik het belangrijk dat het team kan schitteren. Dan moet je jezelf ook op de achtergrond kunnen zetten. Als ieder individu kan groeien, dan gaat het volledige team erop vooruit. Ik heb de afgelopen tijd zeer hard ingezet op onze groep. Samen hebben we heel wat watertjes doorzwommen. We zijn goed op elkaar ingespeeld. Ik vind het belangrijk dat als iemand een steek laat vallen de rest opstaat om bij te springen. Als we dat van elkaar weten, dan vormen we een hecht team’.
Je zei dat je voor het eerst in de schijnwerpers komt?
‘Ik werk vooral achter de schermen. Mensen zien vaak het resultaat. De weg is eveneens belangrijk. Of het nu gaat om de organisatie van een activiteit, het schrijven van een programma, het leiden van een vergadering of het uitwerken van een campagne. Het start met creatieve en verfrissende ideeën die we met de groep samen uitwerken. Dat vergt heel wat opvolging en coördinatie’.
Je werkt voor de N-VA fractie in het Vlaams Parlement, da’s wel veel politiek?
‘Het is soms wat veel. Het geeft ook kansen. Ik ben dagelijks met politiek bezig. Dan weet je wel hoe het werkt. Dossiers uitpluizen, cijfers analyseren, vergaderen, onderhandelen,… op den duur heb je dat wel in de vingers. Dat kan ik goed inzetten voor mijn stad. Ronse is geen eiland. De link met Brussel is bovendien waardevol om Ronse meer op de kaart te zetten. Dat gebeurt weldoordacht en nooit met de fanfare op kop. En de pluimen? Laat die maar op de muts van Peter Pan. Harde werkers doen dat in de luwte.’
De boog kan niet altijd gespannen staan?
‘Natuurlijk niet: een stapje in de wereld zetten, nieuwe oorden verkennen, klussen, een serie of film kijken, een strip of een boek lezen, verdwalen in het verleden,… Dat geeft nieuwe energie. Jammer genoeg ontbreekt de tijd. De stapel boeken die ik nog moet lezen is ondertussen aardig gegroeid. Wat schaars is, koester je het meest.’